Toekomst streekbeleid in Zuid-Oost-Vlaanderen

  • 18 november 2020

Het streekbeleid in Zuid-Oost-Vlaanderen heeft heel wat verschillende (juridische) vormen, structuren en personeelsbezetting gekend. Van vzw tot ESF-project en van 1 naar 8 en terug naar 1 medewerker. De inhoudelijke rode draad is altijd een duidelijke focus geweest op de socio-economische versterking van de regio. Volg mee langs verleden, heden en toekomst van het streekbeleid in Zuid-Oost-Vlaanderen.

Fons Wauters

SOLVA interviewde voor dit artikel Fons Wauters, de huidige (en laatste) coördinator van Streekoverleg Zuid-Oost-Vlaanderen.

We zeggen en schrijven 'laatste' coördinator, want door stopzetting van de financiering van het ESF-project "Versterkt streekbeleid", houdt ook het Streekoverleg Zuid-Oost-Vlaanderen op te bestaan.

Met zijn oppensioenstelling in mei 2021 trekt Fons definitief de deur achter zich dicht van dit verhaal dat startte in 1995.

SOLVA: Fons, vertel, hoe en wanneer kreeg het streekbeleid voor het eerst vorm in Zuid-Oost-Vlaanderen?

Fons Wauters: "Het prille begin van het streekbeleid was er al in 1995 toen de vzw Streekplatform Strategisch Plan Zuid-Oost-Vlaanderen werd opgericht. Alle lokale besturen van de regio, de Provincie, sociale partners en een aantal stakeholders participeerden hieraan. Ook SOLVA was toen al van de partij. 

Parallel bestond ook binnen de VDAB een regionaal overlegplatform met sociale partners en stakeholders, het Subregionaal TewerkstellingsComité of STC.

De sociale partners tonen dus al van 1995 tot op heden hun engagement. Zo was het ACV bijvoorbeeld een tijd voorzitter van bepaalde bestuursorganen."

SOLVA: Waarin verschilden beide structuren van elkaar of konden ze elkaar net versterken?

Wauters: "In het Streekplatform lag de focus eerder op de economische invalshoek voor de regio. De vzw kreeg een jaarlijkse vergoeding vanuit Vlaanderen en toen ook al een jaarlijkse bijdrage van de lokale besturen en de sociale partners. Het STC zette uiteraard, net omdat het opgericht was binnen de schoot van de VDAB, eerder in op de arbeidsmarkt. Het STC kende toen nog geen aparte juridische vorm, maar daar kwam verandering in toen in '98 een vzw opgericht kon worden om de werking te versterken. Dat werd de vzw ArbeidsMarktInitiatief of AMI, waarbij ik in januari '99 als coördinator begon te werken. Het is pas in 2005 dat Vlaanderen besliste om de Streekplatformen en de STC's te laten fusioneren."

SOLVA: Welke initiatieven zijn je bijgebleven uit die eerste periode?

Wauters: "Ik herinner mij dat de vzw AMI in die periode veel adviezen mocht geven over Europese middelen die naar de regio konden komen om opleidingstrajecten voor knelpuntberoepen te organiseren. En in Ronse startten we met Vlaamse middelen een Jobclub op voor anderstaligen. Niet onlogisch natuurlijk, gezien de specifieke taalproblematiek in Ronse. We grepen ook de kans om te starten met de opmaak van specifieke actieplannen bij ondernemingen om de instroom van kansengroepen te faciliteren. In 2005 waren we al met 3 VTE in dienst, dus we konden onze dienstverlening ook langzaam uitbreiden."

SOLVA: Maar in 2005 kwam dan dus de eerste grote omwenteling voor het streekbeleid, met de fusie van Streekplatform en STC?

Wauters: "Klopt, die fusie werd ingegeven door het SERR-RESOC-decreet dat door de Vlaamse Regering werd uitgevaardigd. Een hele mondvol, maar ik verduidelijk even de verschillen. SERR staat voor Sociaal-Economische Regionale Raad; inhoudelijk eigenlijk een verderzetting van het STC. Vertegenwoordigers van de sociale partners en stakeholders bogen zich hier vooral over de arbeidsmarkt en het geven van adviezen over een aantal Vlaamse tewerkstellingsmaatregelen voor de regio. RESOC betekent voluit Regionaal Economisch Sociaal OverlegComité, dat qua bestuurlijke samenstelling en inhoud meer aansloot bij het vroegere Streekplatform. Vertegenwoordigers van lokale besturen, Provincie, sociale partners en een aantal toegevoegde leden zoals SOLVA en VDAB keken met een ruime socio–economische luik naar de regio. In de 10 jaar dat SERR-RESOC bestond, werden drie welbekende Zuid-Oost-Vlaamse politici als voorzitter aangesteld, namelijk achtereenvolgens Guido De Padt, Ilse Uyttersprot en Jenne De Potter. Ook hier kon de werking rekenen op financiering via Vlaamse en provinciale middelen, aangevuld met de jaarlijkse bijdrage per inwoner van de lokale besturen. Juridisch werd een provinciale vzw, Erkend Regionaal Samenwerkingsverband (ERSV), opgericht om als werkgever te dienen van SERR-RESOC Zuid-Oost-Vlaanderen en de drie andere platformen in de provincie."

SOLVA: Heeft die juridische ommezwaai ook gezorgd voor een frisse wind in de realisaties?

Wauters: "Eigenlijk wel, want door beide vzw's te laten fusioneren, kregen we ook letterlijk meer mankracht en middelen om nieuwe acties te bedenken en bestaande acties te versterken. Zo zetten we in de periode van 2005 tot 2015 de website www.kinderopvangzov.be op, een platform waarop ouders en aanbieders elkaar digitaal kunnen vinden om de nood aan kinderopvang aan te pakken. We legden toen ook de fundamenten voor Streekmotor23, door samen met Regionaal Landschap Vlaamse Ardennen en Toerisme Vlaamse Ardennen een projectaanvraag in te dienen bij het Plattelandsfonds om dit streekfonds op te richten. Hmm, wat nog? In 2007 hebben we de eerste subsidioloog voor de regio aangeworven, in een kostendelende samenwerking met SOLVA. En de collega's diversiteit hebben talrijke ondernemingen begeleid om via een actieplan Evenredige Arbeidsdeelname de tewerkstelling van kansengroepen te bevorderen. We hebben twee maal een streekpact opgemaakt op vraag van Vlaanderen met focus op onder andere ruimte om te ondernemen, innoveren met kennis, zorgregio, ondernemen en werken, stadsvernieuwing en de relatie tussen stad en platteland. Zaken die nu nog altijd actueel zijn en in de werking van SOLVA terug te vinden. Enfin, teveel om allemaal op te sommen eigenlijk."

SOLVA: Zijn er zaken waar u zelf heel trots op bent dat u mee aan de wieg ervan stond?

Wauters: "Waar ik zelf heel trots op ben, is dat de VDAB eindelijk erkende dat de problematiek en de aanpak van de werkloosheid in Ronse een absolute prioriteit moest worden. Dit heeft ervoor gezorgd dat we een Maatwerkplan voor Ronse konden opstellen met een hele waaier aan acties met samenwerking van een heleboel partners. Ook in Geraardsbergen wilden zij de vruchten van zo'n actieplan plukken en is Concordia 2020 ontstaan. Beide plannen werden trouwens dit jaar nog vernieuwd en verdergezet. Ik was er van bij het begin bij en blijf dit zeker verder opvolgen." 

SOLVA: Na tien jaar stonden jullie weer voor een verschuiving in het streekbeleidlandschap, een zware deze keer?

Wauters: "Klopt, door een beslissing vanuit Vlaanderen werd in 2015 het SERR-RESOC decreet on hold gezet en uiteindelijk stopgezet. Er kon wel nog een projectaanvraag ingediend worden voor Vlaamse financiering via een projectaanvraag. Voor de drie collega's Evenredige Arbeidsdeelname betekende dit helaas dat hun functie opgeheven werd. Ook andere collega's kozen voor meer zekerheid en verlieten het Streekoverleg. Dat was voor het hele team een zware klap." 

SOLVA: Maar er kwam wel een projectaanvraag uit de bus om het streekbeleid in Zuid-Oost-Vlaanderen verder te zetten?

Wauters: "Ja, uiteindelijk schreven we met vier verder aan ons verhaal door een projectaanvraag in te dienen. We moesten wel eens herkansen, maar in januari 2017 konden we eindelijk aan de slag met een vers plan. Partners SOLVA en VOKA (en later UNIZO) stonden mee in voor de uitvoering van bepaalde acties. Financiering kwam van Vlaanderen, lokale besturen, Provincie en SOLVA.

We schreven drie duidelijke lijnen in ons dossier: Duurzame lokale economie en ondernemerschap in de regio, Mobiliteit als voorwaarde voor regionale socio-economische ontwikkeling en Optimale matching tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Thema's die eigenlijk al jaren op onze agenda staan.

Dat verhaal liep nu ten einde op 31 oktober 2020. De huidige Vlaamse Regering besliste geen financiële middelen meer te voorzien om dergelijke werking uit te bouwen in de regio's. Ik blijf nog tot voorjaar 2021 in dienst om de laatste zaken af te werken en de overdracht van de werking naar SOLVA optimaal af te ronden."

SOLVA: Wat zijn volgens jou de sterktes van het streekbeleid zoals we dit nu kennen?

Wauters: "De sterkte ligt vooral in het feit dat we over de jaren heen een steeds sterker wordende samenwerking met SOLVA zijn aangegaan. We zijn gegroeid tot één organisatie die een zeer gericht, maar ook krachtdadig streekbeleid kan uitwerken. SOLVA heeft de middelen, de mensen en het mandaat van de lokale besturen in de regio om samen met hen te werken aan werk in eigen streek, open ruimte vrijwaren en leefbare kernen. Dat zijn de strategische lijnen die zijn bepaald voor onze regio en ik geloof ook dat dit de grootste uitdagingen zijn waarmee we nu en in de nabije toekomst aan de slag zullen moeten gaan. Maar ik ben ervan overtuigd ook dat het SOLVA-personeel daar samen met de mandatarissen en medewerkers van de lokale besturen zullen in slagen. De overlegstructuur die we samen met SOLVA hebben opgezet, met een burgemeestersoverleg, een overleg met algemeen directeurs, stakeholdersoverleg en verschillende thematische regionetwerken, vormen hiervoor een krachtig instrument."

SOLVA: Tot slot, heb je nog een persoonlijke boodschap aan "jouw" regio?

Wauters: (lacht) "Ja, eigenlijk wel. Ik heb op 2 januari 1999 de deur open gedaan en zal ze ook sluiten begin 2021 als ik met 'pensioen’ ga in deze job. Al die jaren heb ik steeds met veel ‘goesting’ gewerkt in deze mooie regio. Langs deze weg een hartelijk woord van dank voor alle overlegmomenten, contacten, uitwerken van acties samen met zoveel partners. Ik blijf de regio opvolgen van de andere kant! Misschien kan ik nog eindigen met deze mooie quote: "Afscheid betekent de geboorte van de herinnering maar opent een deur naar iets nieuws.""

SOLVA: Bedankt en het ga je goed!